Een zware spiegel ophangen op een gipswand in vijf stappen

Grote spiegel met houten lijst aan een lichte wand naast een trap, met daglicht uit een zijraam

Een grote spiegel is het goedkoopste stuk gereedschap dat een interieur heeft: hij verdubbelt het licht, geeft een kleine kamer diepte en vult een lege wand zonder dat er iets bij hoeft. Alleen weegt zo’n ding al snel tien tot vijfentwintig kilo, en in veel Nederlandse huizen hangt hij aan een muur die dat gewicht helemaal niet draagt. Voorzetwanden, zoldertjes met gipsplaat op een metalen frame, dichtgezette schouwen en dakkapellen: overal zit een holle wand van twaalf millimeter gips waar een gewone plug zich in wegdraait als in een beschuitje.

Dat gaat vaker mis dan mensen denken, en het gaat bijna nooit meteen mis. De spiegel hangt eerst maanden prima en zakt daarna op een willekeurige dinsdag naar beneden, omdat de plug langzaam door het gips is gaan snijden. Zonde van de spiegel, en met scherven op een plek waar kinderen lopen is het meer dan zonde. Hieronder staat hoe je het wel doet, met de spullen die je ervoor nodig hebt en de keuze die het verschil maakt.

Wat je nodig hebt

  • Een leidingzoeker of een sterke magneet, om de metalen stijlen achter het gips te vinden
  • Een keukenweegschaal of personenweegschaal, om te weten wat de spiegel echt weegt
  • Metalen hollewandpluggen (ook wel Molly-pluggen) of tuimelpluggen, in de maat die bij het gewicht past
  • Een hollewandtang als je met metalen hollewandpluggen werkt, anders trek je ze scheef aan
  • Of, bij een spiegel op een stijl, houtschroeven of parkers van minstens 45 millimeter
  • Een aluminium ophangrail of een houten ophangprofiel (in de bouwmarkt vaak French cleat genoemd)
  • Boormachine met steenboor en houtboor, waterpas, potlood, rolmaat
  • Twee viltjes of rubberdopjes voor de onderkant van de lijst

De pluggen, de rail en het gereedschap koop je bij Gamma, Praxis, Hornbach of Karwei, en in een ouderwetse ijzerwarenwinkel krijg je er meestal beter advies bij dan aan het schap. Reken op vijftien tot vijfendertig euro voor alle bevestiging bij elkaar. De spiegel zelf haal je bij IKEA, Leen Bakker of Kwantum als het om een moderne lijst gaat, en bij een kringloopwinkel of Marktplaats als je een oude, zware lijst zoekt. Laat je bij zo’n vondst niet afschrikken door het gewicht, want daarvoor doen we dit hele verhaal.

Zo hang je hem op

  1. Weeg de spiegel en bekijk de achterkant. Ga zelf op de weegschaal, lees het getal af, en doe het nog eens met de spiegel in je handen: het verschil is het gewicht dat je aan de muur hangt. Kijk daarna wat er achterop zit. Een gespannen staaldraad tussen twee ogen is de slechtste optie bij een zware lijst, omdat alle kracht op twee kleine schroefjes in het hout komt. Twee losse ophangogen of een doorlopende rail verdelen het gewicht wel, en die kun je bij een oude lijst prima zelf vervangen.
  2. Zoek de stijlen achter het gips. Een gipswand zit vast op stijlen van metaal of hout, meestal hart op hart veertig of zestig centimeter uit elkaar. Met een leidingzoeker vind je ze in een minuut, en met een sterke magneet die je langzaam over de wand laat glijden ook: hij blijft hangen bij de schroeven waarmee de plaat vastzit. Teken de gevonden lijnen af met potlood. Klop ook even met je knokkel: boven een stijl klinkt het dof, ertussen hol. Vind je geen stijl op de plek waar de spiegel moet hangen, dan is dat geen ramp, maar het bepaalt wel je volgende stap.
  3. Kies de bevestiging die bij het gewicht past. Zit er een stijl op de goede plek, dan schroef je gewoon rechtstreeks in die stijl, en dan houdt de bevestiging meer dan genoeg. Zit er geen stijl, dan is een gewone kunststof plug niet genoeg, ook niet als er twintig kilo op de verpakking staat. Gebruik een metalen hollewandplug of een tuimelplug. Die klappen achter de plaat open en verdelen de kracht over een veel groter oppervlak dan de acht millimeter waar je in boort.
Metalen hollewandpluggen met opengeklapte spreidhuls naast dezelfde pluggen in gesloten toestand
Zo ziet een metalen hollewandplug eruit: links dichtgeklapt zoals hij het gat in gaat, rechts opengetrokken zoals hij achter de gipsplaat komt te staan. Foto: Dmitry G, Wikimedia Commons, CC BY-SA 3.0.

Op dit punt gaat het in de praktijk het vaakst mis, en niet omdat mensen lui zijn maar omdat de verpakkingen elkaar tegenspreken. Herken de vorm hierboven en laat de zakjes met alleen kunststof pluggen liggen, hoe stellig de tekst erop ook is. Zelfklevende strips en haken laat ik hier helemaal buiten beschouwing: die zijn prima voor een lijstje van tweehonderd gram, en alles daarboven is wachten op een klap in de nacht.

  1. Boor en zet de bevestiging vast. Boor op de afgetekende plek met de boormaat die op de verpakking van de plug staat, en zet je boormachine uit op de klopstand: gips is zacht en klopboren maakt het gat alleen maar te ruim. Schuif de hollewandplug erin, trek hem aan met de hollewandtang tot je voelt dat hij vastzet, en stop dan. Doordraaien met een schroevendraaier vernielt de spreidhuls, en dan lijkt de plug vast te zitten terwijl hij alleen nog maar losjes in het gips hangt. Werk je met een tuimelplug, houd hem dan tegen terwijl je aandraait, anders draait het vlindertje mee.
  2. Hang de spiegel op en controleer of hij waterpas hangt. Bij een ophangrail schroef je het ene profiel aan de muur en het andere aan de lijst, met de schuine kant naar elkaar toe, en laat je de spiegel er van bovenaf in zakken. Leg de waterpas eerst op het muurprofiel, want daarna kun je alleen nog schuiven. Plak twee viltjes onderaan de achterkant van de lijst, zodat de spiegel niet tegen het behang tikt en er lucht achter blijft. Trek de schroeven na een week nog een keer na, en duw de spiegel dan bewust een paar keer opzij: wat nu beweegt, beweegt over een halfjaar nog meer.

Waar je hem hangt, bepaalt of het werkt

De ophanghoogte die bijna altijd goed uitpakt is het midden van de spiegel op ongeveer honderdvijfenvijftig centimeter, dus op ooghoogte van iemand die staat. Hangt hij boven een dressoir of een bank, houd dan vijftien tot twintig centimeter tussenruimte aan, want anders lijkt het alsof de spiegel op het meubel rust. Boven een radiator hangt hij het beste minstens twintig centimeter vrij, omdat de warmte anders precies langs het glas trekt en de lijst uitdroogt.

Belangrijker nog is wat de spiegel weerkaatst. Ik zie vaak dat mensen een spiegel recht tegenover het raam hangen, in de gedachte dat dat het lichtst is, en dan kijken ze de rest van het jaar naar een felle vlek. Hang hem liever schuin op het raam, zodat hij het licht de kamer in kaatst en niet terug. En hang hem nooit tegenover een rommelige hoek of de televisie, want een spiegel maakt geen onderscheid en verdubbelt de wasmand net zo trouw als het uitzicht. Dat het spiegelen van licht een van de betrouwbaarste manieren is om een kleine woonkamer groter te laten lijken klopt gewoon, maar het staat of valt bij die richting.

In een smalle gang of op een overloop werkt dezelfde truc trouwens nog sterker dan in de woonkamer, omdat het oog daar zo weinig te doen heeft. Een hoge spiegel naast de trap doet meer voor een krap trapportaal dan welk meubel ook, mits hij goed vastzit, want juist daar loopt iedereen er dagelijks rakelings langs. En wie eenmaal ontdekt heeft hoeveel een grote wand aankan, kan met dezelfde bevestiging ook een vloerkleed aan de muur hangen: het gewicht is vergelijkbaar en het geluid in de kamer wordt er zachter van.

L

Lisa van der Meer

Ik schrijf over interieur, wonen en praktische inrichtingsoplossingen. De afgelopen jaren heb ik mij verdiept in woontrends, materiaalgebruik en slimme indelingen voor zowel kleinere als grotere ruimtes. In mijn artikelen combineer ik inspiratie met toepasbare tips, zodat ideeën niet alleen mooi zijn, maar ook echt werken in het dagelijks leven.

Alle artikelen →